Als we in Llança zijn, gaan we altijd een keer eten bij La Vela. Het heeft geen ster, maar krijgt al jaren een aanbeveling van de Michelingids. Het bestaat sinds al 1968 en heeft zich sindsdien jaren stand weten te houden in het veranderende horecalandschap van Llança (er is daar één sterrenrestaurant, Miramar, maar daar zijn we nog nooit geweest). Omdat de vis bij La Vela direct uit de zee komt (Llança heeft een eigen visafslag en een nog steeds werkende vissersvloot), komen wij er graag. Op zoek naar vis en ander zeevoedsel dat we niet kennen. Eenvoudigweg omdat deze spullen te duur zijn om in Amsterdam te eten, of gewoon niet van dezelfde versheid zijn als hier.

De amuse

De keuken wordt bestierd door oma, verantwoordelijk voor de tradiontonele recepten. Het wat jongere en avontuurlijke nageslacht zorgt voor meer gewaagde smaakcombinaties. Oma hebben we deze keer niet gezien. Maar alles wat gegrild en zonder enige poespas geserveerd wordt, komt volgens mij van haar. Alles wat meer toeters en bellen op het bord heeft en soms neigt naar het moleculaire (El Bulli, Ferran Adrià’s wereldberoemde restaurant, was hier een half uurtje rijden vandaan) komt van de jongere garde.
Deze keer hadden we onze pijlen gericht op de zeekomkommer. We hadden dit vaker op de kaart zien staan, maar we durfden het niet aan. Dit tot spijt van Mattijs, die graag wilde weten hoe het smaakte. Hij was zelfs bereid om het gerecht te betalen, zodat wij er verslag van konden doen. Met een prijs van 30 euro per portie is het namelijk geen goedkoop hapje en dus enigzins riskant. Helaas was de zeekomkomnmer deze keer niet vooradig, hij wordt kennelijk niet regelmatig gevangen. Misschien is het een soort bijvangst of heeft het weekdier een zeer strenge vangstquota?

Gegrilde scheermessen

Dus toen werden het gefrituurde zeeanemonen en gegrilde scheermesjes. Scheermesjes zijn wonderlijk om te zien en heerlijk om te eten. Zeeanemonen zijn ook wonderlijke dieren, maar smaken nogal snotterig. Ook al zijn ze verpakt in een gefrituurd jasje. Het deed Laura denken aan het weeige dat zwezerik af en toe kan hebben, maar dan in een meer snotterige vorm (bij gebrek aan een beter culinair woord). Het was niet vies, maar twintig(!) stuks was misschien wat teveel. Over hoeveelheden doen ze in ieder geval niet moeilijk. Ik weet niet hoeveel acht scheermesjes bij Vis aan de Schelde zouden kosten (staat niet op hun meest recente menu), maar ik denk meer of gelijk aan 16 euro. De wijn daarentegen zeker drie keer zoveel.

Gefrituurde zeeanemonen

Als hoofd had ik tarbot met groene asperges en een kaas-truffelsaus. De saus was helaas geschift, maar mijn Spaans is niet goed genoeg om het terug te sturen zonder in een Babylonische spraakverwarring te geraken. De tarbot zelf was heerlijk, zij het wat machtig en de asperges lekker knapperig gegrild. Maar over het geheel had ik meer verwacht van dit gerecht. Laura had een lubina (zeebaars) met paddestoelensaus. De paddestoelensaus was apart, maar geslaagd. Ik was blij om enkele happen te mogen ruilen met dit haar bord.

Tarbot met groene aperges en truffelsaus

Lubina (zeebaars) met paddestoelensaus

De jonge garde bij La Vela bedenkt het merendeel van de toetjes, vermoed ik. Alleen klassiekers als crema Catalan, een coupe met ijs of een kaasplateau komen uit oma’s kookboek. Jammergenoeg kozen we een beetje saai: dacquoisse (ijstaartje?) van rode vruchten. En citroenijs met iets wat we vergeten zijn, wat dus niet zoveel indruk maakte. Het was niet vies, maar het kostte moeite om de borden leeg te eten. La Vela viel voor het eerst tegen en dat vonden we jammer. Maar na al onze eerdere, goeie ervaringen, mochten ze een week later in de herkansing. Vastbesloten om toch die zeekomkommer te scoren, togen we afgelopen dinsdag naar het restaurant. Deze keer niet voor het avondeten, maar voor een uitgebreidde lunch.

IJstaartje van rode vruchten

Citroensorbet met onbekend

De Herkansing

Deze keer namen we ons voor om het veiliger te houden qua menukeuze. Daar er nog steeds geen zeekomkommer was, namen we oesters en gefrituurde mini-inktvisjes vooraf. De vorige keer kregen een amuse van gravad laks en viseitjes (dus geen kaviaar) op een toastje met een sausje. Nu was de amuse hetzelfde, aangevuld met een lepel romige creme van courgette en ‘calebas’ (pompoen?) met stukjes gedroogde ham erin. De oesters waren best wel vlezig met een lekkere nasmaak. De inktvisjes waren zelfs nog lekkerder. Ze hadden er rauwe knoflook en peterselie overheen gestrooid. Wederom waren het er veel en dat was helemaal niet erg!

De amuse

Oesters

Gefrituurde inktvisjes

Als hoofd besloten we een suquet te nemen. Dit is een stoofschotel met vis en aardappel. Het wordt voor minimaal twee personen gemaakt. Bij aanschouwing van mijn bord begreep ik waarom: dat was veel vis voor een stoofpot. Met naar we vermoeden tarbot, zeeduivel en kabeljauw. Erg stevig en smaakvol. In het midden meer aardappelen dan ik op kon, geflankeerd door twee langoustines. De saus bevatte tomaat, witte wijn, safraan en ui. Hoewel de aardappelen heel zout waren (kennelijks iets Catalaans, zout eten), was de rest heel goed op smaak. De stukken vis waren stevig genoeg om niet uit elkaar te vallen in de stoof, maar niet te droog van smaak.

De suquet wordt opgediend

Veel vis!

Van dichtbij is het niet minder

Eigenlijk had dit wel het laatste gerecht voor het kopje koffie moeten zijn, maar we konden het niet laten om een dessert te nemen. Laura nam het Franse iles flotantes (illes flotants in het Catalaans): geklopt eiwit drijvend in vanillesaus. De La Vela versie was uiteraard anders: een stuk eiwit, lijkend op een moot kabeljauw, op een bedje van verse ananas met strepen vanillesaus (waar heel veel vanille in zat). Ik kon het niet laten om toch iets te kiezen wat eventueel zou kunnen tegenvallen: toncinet de cel. Op de kaart omschreven als gesuikerde bacon met kruidenschaafijs. Gesuikerde bacon? Proberen! Als je naar de foto kijkt, zie je vooral geen bacon. Je ziet een flan. Maar die flan, hoe zoet en eierig hij ook was, smaakte subtiel doch overduidelijk naar bacon. Gebakken bacon zelfs. Ik vermoed dat ze gebakken bacon in de gelei hebben gedaan en met die gelei weer de flan gemaakt. Erg goed gelukt. Het kruidenschaafijs was nog veel subtieler en diende eigenlijk om de flan enigzins te temperen qua smaak.

Gesuikerde bacon met kruiden schaafijs

Iles flotants

Conclusie: de herkansing voor La Vela was meer dan geslaagd. Wat betreft die zeekomkommer: we gaan bij El Cellar de Can Roca vragen of ze het hebben. Eten we het daar waarschijnlijk uit een reageerbuis.