Mijn vrouw en ik staan erom bekend dat wij etentjes geven. We doen dat voor de gezelligheid, maar ook omdat we het werken in de Horeca missen. Vrouwen die echt kunnen serveren vind ik geil, en mijn vrouw was de beste serveerster die ik ooit zag. Inmiddels is ze psychotherapeut, wat om veel redenen goed is, maar toch minder spannend om naar te kijken.

Op onze etentjes komt meestal een man of dertig aan vrienden en kennissen. Dat past zolang ze allemaal blijven zitten nét in ons huis, en zo voelt het als het maandelijkse diner van een uitgebreide familie, waar iedereen ontspant terwijl opa en oma het vuur uit hun pantoffels rennen. Pas als de koffie op tafel staat schuiven we aan.

Vrienden vragen vaak waarom we  geen restaurant beginnen, en ik antwoord steeds dat je gek moet zijn om een restaurant te beginnen. Van de eerste verbouwing tot de dag dat je de zaak verkoopt (als dat al lukt) slurpt een restaurant al je tijd en aandacht. Je verdient er nooit genoeg mee en bent ook na jaren hard werken zo goed als een laatste recensie die door elke idioot geschreven kan zijn. Onze vrienden knikken dan nadenkend en houden er over op. Toch begrijp ik wel dat ze het vragen. Zij hebben de hele avond mijn vrouw zien serveren.